Generic filters
Exact matches only
Search in title
Search in content
Search in excerpt

Organiseer peer feedback

Bij peer feedback geven studenten feedback op het werk van medestudenten. Vaak is dat goed voor hun leerprestaties, omdat ze nuttige, individuele feedback krijgen. Ook kan peer feedback het vertrouwen in eigen kunnen verhogen en krijgen studenten oog voor kwaliteit, omdat ze veel voorbeelden van anderen zien. Als studenten elkaars werk beoordelen, worden ze aangespoord om op een activerende manier om te gaan met de feedback en kijken ze er kritischer naar dan wanneer ze de feedback ontvangen van een docent. Net als bij peer instructie heeft ook peer feedback een wederkerig effect: hij is leerzaam voor zowel de ontvanger als de gever van de feedback. Verder leren studenten door peer feedback hoe ze de feedback goed kunnen communiceren. Ze zullen daardoor soms ook makkelijker feedback op hun eigen werk wordt accepteren. Last but not least is peer feedback efficiënt omdat het werk van grote groepen studenten in een korte periode individuele feedback krijgt. Je kunt zelfs per taak meerdere studenten feedback laten geven. Hierdoor wordt de kwaliteit van de feedback hoger en krijgen studenten meer kwaliteitsbesef. Voor jou als docent is het belangrijk dat je de kwaliteit van de feedback waarborgt. Zorg er daarom voor dat de succescriteria duidelijk zijn en dat je studenten traint in het geven van goede feedback (Zie ‘Geef leergerichte feedback‘ en ‘Werk aan feedbackgeletterdheid‘).

Eerder beschreven we al waar goede feedback uit bestaat. Goede peer feedback voldoet aan dezelfde vereisten. Leer studenten om kritisch te kijken naar de achterliggende argumentatie, de structuur en de inhoud van werk. Om kritische evaluatie te stimuleren, kun je studenten feedback laten geven aan de hand van een feedbackformat met vragen, zoals: ‘Welk deel van het werk vond jij onduidelijk, en waarom?’ Vervolgens is het zaak om studenten te leren om duidelijke feedback te geven die logisch is opgebouwd. Ook moeten ze leren duidelijk te maken waar ruimte is voor verbetering en voorzetjes voor oplossingen aan te dragen.

 

Hoe kun je peer feedback in de les organiseren?

  1. Vier stappen van peer feedback

Als studenten elkaar feedback geven, is het raadzaam hen altijd de volgende vier elementen op te nemen in hun feedback:

  1. Evaluatief oordeel: wat vind je ervan? Oordeel of iets goed/slecht is.
  2. Verbetersuggestie: wat zou er beter kunnen?
  3. Verklaring: waarom vind je dit?
  4. Theoretisch concept: Kun je verwijzen naar bronnen die je verbetersuggestie ondersteunen? Geef er een aantal.

Op deze manier wordt de feedback die studenten aan elkaar geven steviger en daardoor zowel bruikbaarder voor de ontvanger als leerzamer voor de gever.

 

  1. Single-point rubric

Laat studenten gebruikmaken van een single-point rubric. Dit is een rubric waarbij de criteria in het midden staan; links daarvan kunnen ze aangeven wat er nog beter kan en rechts daarvan wat er al goed gaat. Laat studenten met behulp van deze rubric met elkaar in gesprek gaan over de feedback. Op die manier zal het gesprek over de inhoud gaan en wordt het minder een discussie over de beoordeling, zoals bij een analytische rubric (‘Als je nog … doet, dan zit je op niveau 4’). Daarnaast is het voor jou als docent een goed middel om te zien in hoeverre studenten in staat zijn om de kennis toe te passen in de feedback naar medestudenten toe. Deze rubric kun je eventueel combineren met de vier stappen van peer feedback.

 

  1. Vissenkom

Bij deze werkvorm, die je ook goed kunt gebruiken voor discussies, zit een kleine groep van vier tot zes studenten in het midden van het lokaal (de vissenkom) en de rest van de klas eromheen. In de vissenkom bespreken de studenten de lesstof en/of doen zij voor hoe iets werkt. De andere studenten luisteren en schrijven mee, maar zeggen niks. Nadat de lesstof is besproken wordt centraal besproken hoe de vissenkom is verlopen: klopt alles? Ontbreekt er nog iets? Wat ging goed? Eventueel kun je ervoor kiezen om de studenten uit de vissenkom en daarbuiten te laten rouleren van plek, bijvoorbeeld als zij zijn uitgesproken óf denken iets te kunnen aanvullen.

 

 

Bronnen

Double, K. S., McGrane, J. A., & Hopfenbeck, T. N. (2020). The impact of peer assessment on academic performance: A meta-analysis of control group studies. Educational Psychology Review, 32, 481–509.

Pearce, J., Mulder, R., & Baik, C. (2009). Involving students in peer review: Case studies and practical strategies for university teaching. Melbourne: Centre for Study of Higher Education.

Falchikov, N., & Goldfinch, J. (2000). Student peer assessment in higher education: A meta-­analysis comparing peer and teacher marks. Review of Educational Research, 70(3), 287–322.

Nilson, L. B. (2003). Improving Student Peer Feedback. College Teaching, 51(1), 34–38.

Nelson, M. M., & Schunn, C. D. (2009). The nature of feedback: How different types of peer feedback affect writing performance. Instructional Science, 37(4), 375–401.

Van Popta, E., Kral, M., Camp, G., Martens, R. L., & Simons, P. R. J. (2017). Exploring the value of peer feedback in online learning for the provider. Educational Research Review, 20, 24–34.